Zoeken
stuur door naar een bekende

Huishoudelijk reglement

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

van de

Vereniging Rehoboth tot Stichting en Instandhouding van Scholen met de Bijbel te Urk

De Vereniging is opgericht op 29 juli 1925

HET ONDERWIJS EN DE SCHOLEN

Artikel 1

Het onderwijs in de scholen van de vereniging zal in alle opzichten in overeenstemming moeten zijn met het gestelde in artikel 2 van de statuten van de vereniging en de Identiteitsnotitie.

Artikel 2

Het bestuur benoemt de leden van de algemene directie en de schooldirecteuren en voert de daartoe vastgestelde sollicitatieprocedure uit, met inachtneming van hetgeen daaromtrent bepaald is in het reglement van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad dan wel het reglement van de medezeggenschapsraad van de betreffende school.

Artikel 3

De toelating van leerlingen tot de scholen geschiedt aan de hand van de Wet op het primair onderwijs en het door het bestuur vastgestelde toelatingsbeleid. Dit toelatingsbeleid wordt vóór vaststelling of wijziging ter advisering voorgelegd aan de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad.

HET BESTUUR

Artikel 4

1. Het schoolbestuur vergadert ten minste zesmaal per jaar.

2. De bestuursfuncties als bedoeld in artikel 7, zesde lid van de statuten. worden jaarlijks in de eerste vergadering na de bestuursverkiezing verdeeld.

Artikel 5

De voorzitter opent, leidt en sluit de vergaderingen. Hij geeft leiding aan de bestuursleden. Hij is belast met de handhaving van de statuten en dit reglement. Bij afwezigheid van de voorzitter treedt de waarnemend voorzitter in al diens rechten en verplichtingen. Bij afwezigheid van beiden, treedt het oudste bestuurslid, mits niet tevens secretaris of penningmeester, op als voorzitter.

Artikel 6

1. De secretaris draagt zorg voor het opmaken, bijhouden en bewaren van de notulen van de bestuursvergaderingen, en voor de inrichting en opslag van het archief van de vereniging.

2. Tijdens de ledenvergadering brengt hij verslag uit over de bestuurswerkzaamheden en het toezicht door het bestuur op het handelen van de algemene directie tijdens het afgelopen kalenderjaar, zoals bedoeld in artikel 8, vijfde lid, onder e. van de statuten.

Artikel 7

1. De penningmeester is verantwoordelijk voor het juiste beheer van gelden, waardepapieren en kapitaalgoederen.

2. Hij ziet toe op een goede administratie, tijdige inning en betaling van gelden en bewaking van de begroting.

3. Hij mandateert onder bepaalde voorwaarden het uitvoeren van bovengenoemde werkzaamheden aan de algemene directie.

4. Tijdens de ledenvergadering brengt hij verslag uit van rekening en verantwoording over het afgelopen kalenderjaar, zoals bedoeld in artikel 5, eerste lid van de statuten.

INTEGRITEIT

Artikel 8

1. De leden van het bestuur en de medewerkers van de vereniging onthouden zich van gedragingen die de Vereniging Rehoboth op enigerlei wijze schade kunnen berokkenen.

2. De leden van het bestuur en de medewerkers van de vereniging vermijden belangenverstrengeling tussen de vereniging en henzelf, of de schijn daarvan, zoveel als mogelijk is.

3. Belangenverstrengeling wordt m.b.t. de leden van het bestuur en de algemene directie, de schooldirecteuren of de staffunctionaris vermoed plaats te hebben:

a. in de situatie waarbij de betrokkene beslissingen moet nemen waarmee belangen gemoeid zijn van zijn eigen familie of andere nabije privérelaties;

b. bij substantiële of structurele zakelijke relaties tussen de vereniging of de school en een bedrijf of instelling waar de betrokkene financiële belangen heeft en/of bestuurder dan wel toezichthouder is.

4. Indien de betrokkene voorziet dat (de schijn van) belangenverstrengeling zou kunnen optreden meldt hij dit onverwijld:

  1. binnen het bestuur, voor zover het bestuursleden betreft;
  2. aan het bestuur, voor zover het leden van de algemene directie betreft;
  3. aan de algemene directie, voor zover het schooldirecteuren of de staffunctionaris betreft.

5. Indien zich naar het oordeel van degene aan wie de melding plaatsvindt een incidentele tegenstrijdigheid voordoet waarvan de bezwaren kunnen worden weggenomen door een tijdelijke voorziening, dan werkt de betrokkene aan die voorziening mee.

6. Ouders van leerlingen of personeelsleden die het vermoeden hebben van of kennis dragen van een ernstige misstand van ethische, operationele of financiële aard binnen een school of de vereniging kunnen hiervan melding maken bij:

  1. degene die  naar hun oordeel als eerste verantwoordelijkheid draagt voor het ontstaan van de misstand en het wegnemen ervan;
  2. wanneer zij daar geen gehoor vinden of goede gronden hebben geen gehoor te zullen vinden bij de leidinggevende van de onder a. bedoelde persoon;
  3. wanneer zij daar geen gehoor vinden of goede gronden hebben geen gehoor te zullen vinden bij de algemene directie of het bestuur.

7. De betrokkene die met inachtneming van het gestelde in het zesde, achtste en negende lid (een vermoeden van) een misstand heeft gemeld wordt op geen enkele wijze in zijn (rechts)positie in de organisatie benadeeld als gevolg van het melden.

8. Het zesde lid is niet van toepassing  op:

  1. klachten van persoonlijke aard van een betrokkene;
  2. klachten waarin andere regelgeving voorziet.

9. De betrokkene die een melding maakt van (een vermoeden van) een misstand dient niet uit persoonlijk gewin te handelen.

10. De betrokkene die een melding maakt van een misstand waar hijzelf bewust aan heeft deelgenomen, is niet gevrijwaard van sancties.

11. Deelnemers aan besloten (delen van) vergaderingen dan wel degenen die uit hoofde van hun functie kennis zullen dragen van hetgeen in deze besloten (delen van) vergaderingen is besproken zijn verplicht hieromtrent geheimhouding te betrachten, tenzij:

  1. ter vergadering of naderhand door de voorzitter wordt gemeld dat de verplichting tot geheimhouding vervalt;
  2. sprake is van een misstand als bedoeld in het zesde lid.

12. De plicht tot geheimhouding vervalt niet door beëindiging van het lidmaatschap van het bestuur, noch door beëindiging van de band van de betrokkene met de vereniging of een van de scholen.

CONTRIBUTIE

Artikel 9

1. De leden van de vereniging zijn een jaarlijkse contributie verschuldigd van € 9,--*. Het bedrag is in zijn geheel verschuldigd door ieder lid bij aanvang van het boekjaar van de vereniging.

2. Het bestuur kan in bijzondere gevallen een lid ontheffen van de verplichting tot betaling van contributie.

3. Restitutie van contributie vindt niet plaats.

SLOTBEPALING

Artikel 10

In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist het bestuur. Van deze beslissing staat beroep open bij de eerstvolgende ledenvergadering.

 

Aldus vastgesteld tijdens de ledenvergadering gehouden op 23 september 2014  te Urk.

*Tijdens de Algemene Ledenvergadering van 14 juni 2016 is besloten de contributie per 1-1-2017 te verhogen naar € 10,--.

 

 

 

[naar boven]